dinsdag 17 oktober 2006

Grootste Agatha Christie-mysterie opgelost?

Eindelijk schijnt er enige klaarheid te komen in één van de bijzonderste Agatha Christie-mysteries: haar eigen spectaculaire, 11 dagen durende verdwijning in 1926, die voltallig Groot-Brittanië op stelten zette en een zoekactie zonder weerga ontketende. Zelfs crime-auteurs Arthur Conan Doyle en Dorothy L. Sayers werden ingezet bij het onderzoek. Biograaf Andrew Norman beweert nu een medische verklaring te kunnen aandragen voor Christie's vreemdsoortige gedrag. Christie (1890-1976) verdween op 3 december 1926 zonder boe of bah uit Styles, haar woning in Berkshire, nadat ze haar slapende dochter een goeienacht had gekust. Haar auto werd kort nadien in een talud leeg teruggevonden. Pas elf dagen later trof men Christie onder de valse naam Teresa Neele alleen aan in een kuurhotel in Harrogate. Volgens Norman, die de medische dossiers van Christie kon raadplegen en wiens Christie-biografie binnenkort verschijnt, was de verdwijning te wijten aan "een soort buitenlichamelijke vorm van amnesie", "a psychogenic trance" als gevolg van stress. Christie kampte in die periode met huwelijksperikelen. Hetzelfde medisch verschijnsel, vermoedt Norman, zou de manisch-depressieve Britse komiek en auteur Stephen Fry in 1995 voor een aantal dagen naar Brugge drijven, zonder dat hij enig bericht bij familie of kennissen achterliet. Frances Fyfield beweert in The Guardian met enige ironie dat een gewiekste publiciteitsstunt van Christie ook een optie blijft.

0 Comments:

Een reactie plaatsen

Links to this post:

Een link maken

<< Home